Ziekte door stress?

Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt nu steeds meer dat stress verreweg de grootste oorzaak is van ziekte.
Maar waar hebben we nou eigenlijk zoveel stress over? Is dat echt omdat het zo druk is op het werk? Of omdat je echtgenoot zo vervelend doet? Of omdat je hond net dood is?
Ja, die dingen hebben er echt veel mee te maken. Maar wat onze stress nekharen echt overeind doet staan is het feit dat we voortdurend alles wat we doen evalueren op een schaal van goed en fout.
Om dit verder uit te leggen wil ik je een verhaal vertellen over Wout, de Nerflander. Dit verhaal is geschreven door Max Lucado in het boekje ‘Niemand is zoals jij’. Het is een kinderverhaal, maar als je goed observeert in ‘de grote mensen wereld’, dan kom je erachter dat grote mensen net grote kinderen zijn. Ik heb zelfs wat mooie plaatjes toegevoegd, speciaal voor alle grote kinderen ūüėČ
Ben je niet zo’n lezer, of wil je dit verhaal ook aan je kinderen meegeven, dan heb ik onderaan ook een film versie toegevoegd.

De Nerflanders waren kleine mensen van hout en waren gemaakt door Eli, een houtsnijder.

Eli‟s werkplaats lag bovenop een heuvel, zodat hij het hele dorp goed kon zien.

 

Elke Nerflander zag er anders uit.
De een had een grote neus, de ander grote ogen.
De een was lang, de andere kort. De een droeg een hoed, een ander een jas.
Maar ze waren allemaal gemaakt door dezelfde houtsnijder en ze woonden allemaal in hetzelfde dorp.

De Nerflanders deden elke dag hetzelfde: ze gaven elkaar stickers.
Iedereen had twee dozen met stickers: één met gouden sterren en één met grijze stippen.

Waar je ook keek, in alle straten en steegjes, overal waren ze bezig bij elkaar sterren of stippen te plakken.

De Nerflanders die er mooi uit zagen, met glad hout en glanzende verf, kregen altijd sterren.
Of die iets heel bijzonders konden, bijvoorbeeld prachtig zingen of moeilijke woorden konden zeggen, kregen ook sterren.

Maar de Nerflanders van wie het hout ruw was, of de verf afgebladderd, of die niets bijzonder konden, kregen stippen.
Wout bijvoorbeeld. Hij probeerde heel erg goed zijn best te doen om net zo bijzonder te zijn als de anderen, maar het
mislukte steeds.

Dan viel hij weer zodat zijn hout beschadigde, of hij zei iets geks. En de anderen kwamen dan naar hem toe en gaven hem grijze
stippen. Na een poosje hadden de andere mensen zoveel stippen op hem geplakt, dat Wout niet meer naar buiten durfde.

Hij was bang dat hij weer iets doms zou doen, zoals zijn hoed vergeten, of in het water vallen. Dan zouden de anderen hem nog
veel meer stippen geven. En omdat Wout nu zoveel grijze stippen had, kwamen de mensen soms zomaar naar hem toe om
hem een stip te geven, zonder dat hij iets verkeerds had gedaan.

‚ÄúHij verdient het om zoveel grijze¬†stippen te krijgen,‚ÄĚzeiden de¬†Nerflanders tegen elkaar.

‚ÄúHij is geen goede houten¬†jongen.‚ÄĚ

Het duurde niet lang of Wout ging dit zelf ook geloven.

‚ÄúIk ben geen goede¬†Nerflander.‚ÄĚdacht hij.

De weinige keren, dat hij nog naar buiten ging, trok hij op met andere Nerflanders die ook veel grijze stippen hadden.
Bij hen voelde hij zich iets beter.

Op een dag ontmoette Wout een Nerflander, die anders was dan alle andere Nerflanders die hij ooit ontmoet had.

Ze was van puur hout, zonder sterren of stippen. Ze heette Lucia.

De mensen probeerden haar wel stickers te geven, maar de stickers bleven gewoon niet plakken.

Sommige mensen hadden bewondering voor Lucia, omdat zij helemaal geen stippen had, dus ze wilden haar een ster geven.
Maar de sterren vielen zomaar van haar af. Anderen keken op haar neer omdat ze helemaal geen sterren had, dus wilden ze haar een grijze stip geven. Maar de stippen bleven ook niet plakken.

Wout dacht:‚ÄĚIk zou zo graag als Lucia willen¬†zijn.¬†Ik wil niet dat andere mensen stickers op¬†mij plakken.‚ÄĚ
En hij vroeg aan Lucia:‚ÄĚHoe zorg jij er nou voor¬†dat die stickers niet plakken?‚ÄĚ

‚ÄúEigenlijk is dat heel gemakkelijk,‚ÄĚzei Lucia,‚ÄĚIk¬†ga elke dag naar Eli.‚ÄĚ
‚ÄúEli?‚ÄĚ
‚ÄúJa, Eli de houtsnijder. Elke dag ben ik bij hem¬†in de werkplaats.‚ÄĚ
‚ÄúWaarom?‚ÄĚ
‚ÄúDat kun je beter zelf ontdekken. Loop de heuvel maar op. Hij is in zijn werkplaats.‚ÄĚ

Toen draaide Lucia zich om en huppelde weg.

‚Äüs Avonds toen hij wilde gaan slapen, dacht Wout na over wat Lucia tegen hem gezegd had.¬†‚ÄúZou Eli wel willen dat ik kom?‚ÄĚ vroeg hij zich af.¬†Maar toen hij dacht aan de mensen die elkaar¬†stickers gaven, stond zijn besluit vast: Hij ging naar Eli.

De volgende morgen ging Wout op pad. Hij volgde het smalle paadje naar boven, de heuvel op en hij stapte de enorme werkplaats binnen.

Verbaasd keek Wout om zich heen. Wat was alles groot!
De kruk bijvoorbeeld was net zo groot als hijzelf en hij moest op zijn tenen gaan staan om op de werkbank te kunnen kijken.
Er lag een hamer die net zo lang was als zijn hele arm. Wout slikte.

‚ÄúIk ga hier maar snel weer weg,‚ÄĚ dacht Wout een beetje bang en hij draaide zich al om.
Toen hoorde hij zijn naam.‚ÄúWout?‚ÄĚ De stem klonk diep en vriendelijk.

Wout bleef staan.

‚ÄúWout wat fijn dat je bent gekomen. Kom eens dichterbij, dan kan ik je goed zien.‚Ä̬†Wout draaide zich langzaam weer om en keek naar de houtsnijder.¬†‚ÄúWeet u wie ik ben? vroeg hij verbaasd.
‚ÄúNatuurlijk weet ik wie je bent. Ik heb je zelf gemaakt.‚ÄĚ

Eli kwam van zijn stoel af, tilde Wout op en zette hem op zijn werkbank.

‚ÄúHmmm,‚ÄĚ mompelde Eli, de maker, toen hij alle grijze stippen zag.‚ÄĚIk zie dat de mensen jou¬†geen goede Nerflander vinden.‚ÄĚ

‚ÄúHet spijt me, Eli. Ik heb echt mijn best gedaan om net zo goed als alle andere Nerflanders te¬†zijn.‚ÄĚ

‚ÄúOh, maar dat hoef je tegen mij¬†niet te zeggen, zoon. Het geeft¬†niets. Ik trek me niets aan van wat andere mensen van je denken.‚ÄĚ

‚ÄúOh, nee?‚ÄĚ vroeg Wout verbaasd.¬†‚ÄúNee, en eigenlijk zou jij dat ook¬†niet erg moeten vinden. Zij delen¬†sterren en stippen uit, maar alle¬†Nerflanders zijn net als jij. Het¬†maakt niets uit wat zij van je¬†vinden. Het gaat erom wat ik van¬†jou vindt. En ik vind jou heel¬†bijzonder.‚ÄĚ

Wout moest lachen.

“Ik, bijzonder? Waarom? Ik kan niet hardlopen. Ik kan niet hoog springen. Mijn verf is afgebladderd. Waarom vindt u mij
bijzonder?‚ÄĚ

Eli keek hem aan. Legde zijn¬†handen op de kleine houten¬†schoudertjes en zei met¬†nadruk:‚ÄĚOmdat je bij mij hoort.
Daarom vind ik jou zo bijzonder.¬†Ik houd van jou.‚ÄĚ

Wout had nog nooit meegemaakt dat iemand zo naar hem keek.

En dit was niet zomaar iemand, nee, dit was zijn maker.

Hij wist niet wat hij moest zeggen.

‚ÄúElke dag hoopte ik dat je bij me zou komen‚ÄĚ, vertelde Eli.
‚ÄúIk ben gekomen omdat ik iemand heb ontmoet, die niet was beplakt met sterren of stippen‚ÄĚ,¬†legde Wout uit.
‚ÄúLucia. Ja, ik weet het. Ze heeft me over jou verteld.‚ÄĚ

‚ÄúHoe komt het dat de stickers bij haar niet blijven plakken?‚Ä̬†De maker sprak rustig:‚ÄĚOmdat zij heeft besloten dat wat ik van haar vindt belangrijker is dan¬†wat mensen van haar vinden.¬†De stickers blijven alleen plakken als je dat zelf wilt.‚ÄĚ‚ÄúOh ja?‚ÄĚ

‚ÄúDe stickers plakken alleen als je ze belangrijk vindt. Hoe meer je op¬†mijn liefde¬†vertrouwt,¬†hoe minder belangrijk je de stickers van andere mensen vindt.‚ÄĚ

‚ÄúIk weet niet zeker of ik helemaal begrijp wat u zegt.‚ÄĚ zei Wout.

Eli glimlachte. ‚ÄúWacht maar, je zult het wel gaan begrijpen. Je hebt nu heel veel stickers.¬†Kom elke dag maar bij me, zodat ik je kan laten merken hoeveel ik van je houd.‚Ä̬†Eli tilde Wout van de werkbank af en zette hem op de grond.
‚ÄúVergeet het niet,‚ÄĚ zei Eli toen Wout de deur uitliep,‚ÄĚjij bent bijzonder, omdat ik je heb¬†gemaakt.‚ÄĚ

Toen Wout de werkplaats uitliep, dacht hij: volgens mij meent Eli het echt. En terwijl hij dat dacht, viel er een grijze stip op de grond.

.

One comment on “Ziekte door stress?

  1. Mooi Ruben!

Comments are closed.